Plenair Huizinga-Heringa bij behandeling Spoedwet aanpak stikstof



Verslag van de vergadering van 17 december 2019 (2019/2020 nr. 14)

Status: gerectificeerd

Aanvang: 12.18 uur


Bekijk de video van deze spreekbeurt

Mevrouw Huizinga-Heringa i (ChristenUnie):

Voorzitter, dank u wel. Mijn fractie is blij dat we vandaag deze spoedwet behandelen. Het heeft van ons als Eerste Kamerleden, maar ook van de minister en haar ambtenaren, veel inzet, tijd en bereidwilligheid gevraagd. Maar nu zijn we in staat tot een goede behandeling van deze wet. Mijn fractie vindt het ook belangrijk om haast te maken met deze wet vanwege de maatschappelijke onrust die er is ontstaan rond boeren en bouwers. Deze spoedwet biedt zicht op het lostrekken van de woningbouw. Het kabinet richt zich op het mogelijk maken van de bouw van 75.000 woningen en het uitvoeren van zeven MIRT-projecten. Dat is niet alleen belangrijk voor onze economie en voor het overeind blijven van de bouwbedrijven. Het is ook belangrijk in de persoonlijke levenssfeer van mensen die bang zijn hun werk in de bouw kwijt te raken. Deze wet is belangrijk voor mensen uit vooral de midden- en lagere inkomensgroepen die wachten op een huis en in de huidige woningmarkt niets kunnen kopen. Deze wet geeft het begin van een oplossing. Daarnaast geeft de wet mogelijkheden om versneld te werken aan natuurherstel.

Voorzitter. Velen hebben al verwezen naar het advies van de Raad van State ten aanzien van deze wet. Mijn fractie leest in dat advies de kritische kanttekening dat deze spoedwet niet het enige antwoord op de stikstofcrisis kan zijn. Deze wet kan dienen als eerste stap in een veelomvattender pad naar gezondere natuur en minder stikstofuitstoot. Mijn fractie hoort daarom graag van de minister hoe zij de verdere aanpak van de stikstofuitstoot ziet. De minister heeft gezegd het advies van het Adviescollege Stikstofproblematiek van Remkes af te wachten, dat te implementeren en in overleg te treden met allerhande instanties en bestuursorganen om tot goede afspraken te komen. Dat is zeker allemaal belangrijk. Overigens hoor ik ook graag of in het vervolg de industrie in beeld zou komen bij het verminderen van de stikstofuitstoot, want die missen wij nog in dit plan.

Mijn fractie zou graag van de minister het ontwerp van een structurele aanpak willen horen. Is zij bereid om een einddoel te formuleren wat betreft stikstofuitstoot en gezonde natuur? Kan zij ook een tijdstip noemen waarop dat doel bereikt zou moeten zijn, met op de weg daarnaartoe meetbare tussendoelen? Zo'n structurele aanpak biedt houvast en voorkomt dat we in de toekomst opnieuw in een situatie als de huidige verzeild raken. Daarmee handelen we ook in lijn met het advies van de Raad van State. Graag een reactie van de minister.

Voorzitter. Een ander punt is de 250 miljoen die vrijgemaakt wordt voor natuurherstel, een heel behoorlijk bedrag. Mijn fractie is er blij mee. Ik hoor graag hoe dat geld aangewend gaat worden om het natuurherstel te bewerkstelligen en op welke termijn de regering het denkt uit te geven. Kan de minister een schatting geven wat deze investering in concrete termen op zou kunnen leveren aan natuurherstel?

Het bedrag, hoe groot ook, is incidenteel. Daarmee ademt het toch iets als een hapsnapbeleid. Zou een structureel doel als gezonde natuur niet meer gebaat zijn bij een jaarlijks structureel bedrag? Op basis van zo'n bedrag kan immers beleid gemaakt worden. Mijn vraag is of de minister dit ook zo ziet en of zij zich in zal zetten voor een structurele aanpak om te komen tot gezonde natuur.

Voorzitter. Nu naar de spoedwet zelf. Die moet in samenhang gezien worden met andere maatregelen, zoals het verlagen van de maximumsnelheid naar 100 km/u en 60 miljoen extra voor de sanering van de varkenshouderij. De wet is bedoeld om een wettelijke basis te leggen voor stappen die de regering mogelijk zal nemen. Zo is het niet zeker — en sinds gisteravond weten we dat het ook niet gaat gebeuren — dat er een nationale drempelwaarde zal worden ingesteld, maar de wet geeft wel mogelijkheden voor zo'n drempelwaarde, bijvoorbeeld ook een regionale. De eisen van het veevoerspoor moeten nog worden genotificeerd bij de Europese Commissie. Na voorhang hoopt de minister dat in april rond te hebben. Dit zijn allemaal maatregelen die in de toekomst mogelijk zullen worden genomen of die in de toekomst hun werking kunnen hebben. Maar bij goedkeuring van de wet zal het stikstofregistratiesysteem voor de bouw direct per 1 januari worden ingezet om de actuele stikstofruimte in een gebied helder te hebben, zo begrijpen wij. Is dat juist?

Bij het registratiesysteem gelden strikte voorwaarden. Zo moet de opgenomen vermindering van de uitstoot additioneel zijn aan reguliere maatregelen voor natuurkwaliteitsbehoud en -herstel en mag de stikstofruimte maar op één plek worden ingezet. Onder meer deze voorwaarden maken het systeem juridisch houdbaar, schrijft de minister. Duidelijk is dat de minister niet in de val wil trappen waar de PAS op stukliep. Zij wil pas ruimte geven voor nieuwe projecten wanneer daar meetbaar ruimte voor is ontstaan door vermindering van de stikstofuitstoot. Niet vooruitlopen op de effectiviteit van de maatregelen, maar pas acteren wanneer de maatregelen in werking zijn en de effectiviteit feitelijk gebleken is. Dat lijkt ons een goede aanpak.

Dit betekent dat het doel van deze wet, het mogelijk maken van 75.000 woningen en zeven MIRT-projecten, niet zeker is. Het zal afhangen van de werkelijk bereikte vermindering van de stikstofuitstoot hoeveel vergunningen zullen kunnen worden verleend. Is dat inderdaad de situatie, vraag ik de minister. En dan nog een vraag: is het juridisch mogelijk om zowel een drempelwaarde voor stikstof te hanteren als ook een stikstofregistratiesysteem in de lucht te houden? Of moet hiertussen gekozen worden? Uit het antwoord op deze vraag werd mij dit niet helemaal duidelijk.

Stikstof daalt plaatselijk neer. In de beantwoording van de vragen waarschuwt de minister dat de effecten van de wet daarom ook plaatselijk kunnen verschillen. Hoe gaat de minister om met de mogelijk scheve ogen wanneer in de ene regio meer mogelijkheden voor woningbouw ontstaan dan in de andere? Heeft ze daar een oplossing voor of moeten we bij de minister voor Wonen zijn om daar meer over te horen?

Mijn fractie is blij met de aandacht in de spoedwet voor natuurherstel. Snellere besluitvorming om tot herstelmaatregelen te komen via de Crisis- en Herstelwet en 30% van de gewonnen stikstofruimte naar natuur, om een paar maatregelen te noemen. In een andere context is gesproken over een mogelijke herschikking van kleine Natura 2000-gebieden, om zo robuustere Natura 2000-gebieden te creëren; anderen hebben hierover ook al vragen gesteld. Daarvoor zijn gesprekken in Europa nodig. Kan de minister reflecteren op de kansrijkheid van deze gesprekken?

Voorzitter, tot slot. De stikstofcrisis is een uiterst complex onderwerp. Het raakt de bevoegdheid van onze drie bestuurslagen. Er zijn veel stakeholders en belanghebbenden en talloze juridische en maatschappelijke haken en ogen. In dit lastige veld is deze spoedwet wat mijn fractie betreft een goede en, in de woorden van de heer Nicolaï als ik het goed begrepen heb, moedige stap om te komen tot ons gezamenlijke doel: een florerende economie en een florerende natuur.

Dank u wel.

De voorzitter:

Dank u wel, mevrouw Huizinga. Dan is het woord aan de heer Gerbrandy.