Senaat stelt grenzen aan vorm van wetgeving



De Eerste Kamer heeft aangegeven bepaalde vormen van wetgeving niet meer te zullen aanvaarden. Dit gebeurde op dinsdag 22 mei 2007 door aanvaarding met algemene stemmen van de motie-Jurgens. Het gaat om wetgeving waarbij de wetgever lagere wetgevers machtigt om regels te stellen, ook als deze regels afwijken van de wet, dan wel als deze in de plaats worden gesteld van bestaande wetsteksten.

Niet aanvaardbaar

De motie stelt vast dat de Kamer wetsvoorstellen blijven bereiken, waarin de gewraakte bepalingen voorkomen. Het laatste voorbeeld betrof de Geneesmiddelenwet. De Eerste Kamer spreekt in de motie-Jurgens het voornemen uit om wetsvoorstellen, waarin de gewraakte bepalingen voorkomen 'niet meer te aanvaarden en dringt er bij de regering op aan om deze vorm van wetgeving niet meer te gebruiken'.

Minister eens met Kamer

De motie stuitte bij een bespreking in de senaat niet op verzet van de regering. Minister van Justitie Hirsch Ballin was het in principe met de Eerste Kamer eens. Hij bevestigde daarmee een opvatting die hij eerder als senator voor het CDA had ingenomen door al in 2000 een andere motie-Jurgens over dit onderwerp mede te onderschrijven.

Al in 1998 heeft de Eerste Kamer voor het eerst haar mening ten beste gegeven dat wetgeving die lagere wetgevers machtigt om regels te stellen die van een wet afwijken 'op gespannen voet staat met het legaliteitsbeginsel in onze constitutie en in het bijzonder met artikel 81 Grondwet'.

Binnenhoftrilogie

De heer Jurgens (PvdA) heeft het onderwerp in de jaren dat hij lid is van de Eerste Kamer meermalen aangekaart. Mevrouw Broekers-Knol (VVD) sprak van een Binnenhoftrilogie, waarin Jurgens thans, met steun van de VVD, het laatste schot heeft gelost.


Deel dit item: